vrijdag 23 maart 2007

Leuker kunnen we het niet maken…..

Al jaren achter elkaar vul ik de belastingaangifte in voor verschillende mensen, zoals mijn vader, mijn schoonvader, ikzelf. Voor mijn gevoel heb ik dat altijd gedaan via de computer, hoewel ik er niet mijn hand voor in het vuur durf te steken dat ik ook wel eens een echte brief heb ingevuld. Maar goed, de jaarlijks terugkerende routine van verscheidene niet al te complexe belastingaangiften heeft ervoor gezorgd dat ik de laatste jaren mijn verwanten in een vloek en een scheet aan hun fiscale trekken kon laten komen.

Het werd natuurlijk ook elk jaar gemakkelijker, de software van de belastingdienst werd beter, internetfaciliteiten deden hun intrede en mijn ervaring groeide. Ik begon het zelfs leuk te vinden, hoewel dat volgens de reclame- en voorlichtingscampagnes van de belastingdienst toch eigenlijk niet de bedoeling was. Gisteren begon ik dan ook met fris gemoed aan de belastingaangifte van mijn vader. Nu blinkt mijn familie over het algemeen niet uit in ordelijkheid en hoogstaande administratieve capaciteiten, iets dat zich via de ondoorgrondelijke wegen van de erfelijkheid ook meester van mij gemaakt heeft, dus het invulwerk kostte wat meer tijd dan ik had verwacht en gehoopt. Maar nog altijd ervoer ik mijn taak als een vrij prettige tijdsbesteding. Het leek immers geld te gaan opleveren, niet voor mezelf maar het blijft in de familie, en de uitvoering was niet al te lastig.

Tot op het moment van verzending van de aangifte. Ik vermoed dat iemand bij de belastingdienst er lucht van heeft gekregen dat er minimaal één Nederlander het doen van belastingaangifte steeds leuker begon te vinden en vervolgens een list heeft bedacht om dat tegen te gaan. Tot vorig jaar konden we namelijk volstaan met een viercijferige elektronische handtekening. Dat lukte altijd. Afgelopen jaar moest iedereen over op de DigiD. Het aanvragen van een DigiD bleek voor een gemiddelde Nederlander (waar ik voor het gemak mijn vader toe reken) nog te doen, zij het niet zonder slag of stoot. Het activeren van dit elektronisch kleinood bleek voor zowel doorgewinterde (ikzelf) als minder frequente (mijn vader) computergebruikers een kleine barrière. Beiden zijn we minimaal één keer vergeten dit tijdig te doen. Maar uiteindelijk had mijn vader een DigiD weten te bemachtigen. Verstandig als hij is had hij de inlognaam en het password netjes, met hoofdletters op de juist plaatsen, ergens opgeschreven.

Toen ik de DigiD goedgeluimd ingetikt had, op verzenden had gedrukt en een foutmelding kreeg, dacht ik dan ook vanzelfsprekend dat ik een typfoutje had gemaakt. De volgende poging gaf echter weer een foutmelding, zij het met een andere code. Ik heb het uiteindelijke aantal pogingen niet geteld, maar het aantal verschillende foutcodes was zeker vijf. Uiteindelijk heb ik vloekend en tierend een nieuwe DigiD zitten aanvragen, waarbij de DigiD-website er ook nog eens een keer uitklapte. Leuk vond ik het niet meer. En gemakkelijker is het er ook niet op geworden.

Geen opmerkingen: